In de BAN van Badminton
Introductie
Iedereen kent badminton. Twee rackets en een shuttle vindt je bijna in iedere kofferbak richting de camping. Maar badminton is veel meer dan een leuke bezigheid op vakantie.
De sport komt oorspronkelijk uit India, maar de Engelsen namen het over en introduceerden het op een erfgoed genaamd ‘Badminton’. Een nieuwe sport was geboren en werd over de hele wereld verspreid.
Badminton is vooral zeer populair in Azië. In landen als China en Indonesië is badminton net zo populair als voetbal in Nederland. Sinds 1992 is het tevens een Olympische sport.
Badminton is de snelste zaalsport ter wereld: de shuttle kan snelheden bereiken boven de 300 km per uur. Met snelle polsbewegingen en constante beweging van de voeten over het veld, is het één van de meeste dynamische sporten ter wereld. Concentratie, techniek, tactiek, kracht, snelheid en uithoudingsvermogen zijn allen zeer van belang bij het spelen van badminton op topniveau.
Echter, badminton is niet alleen leuk als je competitie speelt; ook op recreatief niveau is het een heerlijke manier van sportieve ontspanning. Sportiviteit en gezelligheid staan centraal op de badmintonbaan, wat het maakt tot één van de leukste sporten die er is.
Beknopte spelregels badminton
Badminton kent vijf spelsoorten:
1. mannen enkelspel (MS)
2. vrouwen enkelspel (WS)
3. mannen dubbelspel (MD)
4. vrouwen dubbelspel (WD)
5. gemengd dubbelspel (MXD)
Speelveld
Het speelveld voor badminton is 13,40 meter lang en 6,10 meter breed. Het net moet bij de palen 155 cm hoog zijn.
Speelveld enkelspel

Speelveld dubbelspel

Slagen
- Opslag of service: eerste slag, onderhands (onder de heup),
vaak kort over het net of hoog achterin
- Clear: bovenhandse slag, hoog achterin
- Lob: onderhandse slag, hoog achterin
- Drop: slag vlak achter het net
- Netdrop: slag van dichtbij het net, kort eroverheen
- Smash: hard (en strak) naar beneden gerichte slag
- Forehand: slag met de handpalm naar voren gericht
- Backhand: slag met de rug van de hand naar voren gericht.
Toss
Zodra beide partijen aangeven klaar te zijn voor de wedstrijd, vindt er een toss plaats. Dit houd in dat de teller (scheidsrechter) de shuttle van het net laat vallen. De shuttle wijst dan met de neus naar een partij. Deze partij mag dan de volgende keuze maken:
- Beginnen met het nemen van de eerste service.
De eerste service van het spel zal dan door uw partij genomen worden.
- Veldkant kiezen.
U beslist dan aan welke kant van het veld u wilt beginnen met spelen.
Wanneer u uw keuze heeft gemaakt mag de tegenpartij de overgebleven keuze nemen. Als u er dus voor kiest om te beginnen mag de tegenpartij de veldkant kiezen. Wanneer u het veld kiest mag de tegenpartij beginnen met het nemen van de eerste service.
Service
De service is heel belangrijk in badminton. Een service is goed als:
- deze onderhands geslagen wordt (zie tekening onder);
- deze diagonaal in het juiste serveervak wordt gespeeld, d.w.z vanuit
het rechter serveervak naar het rechter serveervak van de tegenstander
dan wel vanuit het linker serveervak naar het linker serveervak van de
tegenstander (zie tekening boven);
- de serveerder niet op of tegen de lijnen staat;
- de serveerder met beide voeten de grond aanraakt.
Forehand service
Backhand service
De onderhandse service is goed wanneer het gehele racketblad duidelijk zichtbaar is beneden de gehele hand van de speler en de shuttle beneden het middel geraakt wordt.

Bij de stand 0-0, en bij alle even punten, wordt geserveerd vanuit het rechter serveervak.
Bij alle oneven punten wordt geserveerd vanuit het linker serveervak.
Na iedere score vindt de service plaats vanuit het naastliggende serveervak. Er wordt alleen van serveervak gewisseld als jij (of je partner) een punt maakt en als jij (of je partner) de service had.
Telling
Zoals bij veel sporten, wint de speler die als eerste het benodigde aantal punten haalt.
Vanaf februari 2006 gaat de score volgens het zogenaamde rallypoint systeem. Dit houdt in dat zowel de serverende partij als de ontvangende partij een punt kan scoren.
Wanneer een serverende partij een fout maakt, betekent dat een punt voor de ontvangende partij. Deze partij krijgt dan ook de service. Dit geldt voor zowel een dubbel als een enkel partij.
Alle wedstrijden (mannenenkel, vrouwenenkel, mannendubbel, vrouwendubbel en de gemengd dubbel) worden tot en met de 21 punten gespeeld. Hierbij moet een verschil van twee punten zijn. Wanneer de stand dus 20-20 is, wordt er door gespeeld totdat één van beide teams een verschil van 2 punten heeft weten te behalen (bijv. 22-20). Het kan voorkomen dat de stand 29-29 word. In dit geval zal het 30ste punt de beslissende zijn. Het team dat dus de laatste rally weet te behalen, is de winnaar van de gespeelde game.
Wanneer een partij het aantal benodigde punten heeft behaald, heeft deze partij de eerste game gewonnen. Hierna wordt er een tweede game gespeeld. De partijen wisselen dan van speelhelft. De partij die de eerste game heeft gewonnen mag in de tweede game beginnen met het nemen van de eerste service.
Aan het eind van de tweede game zijn er twee mogelijkheden:
1. De partij die de eerste game won, heeft de tweede ook gewonnen
en is dus de winnaar van de wedstrijd;
2. De partij die de eerste game verloor, heeft de tweede game gewonnen
en de stand is dus 1- 1 in games.
Er moet dus een derde game gespeeld worden. De winnaar van deze derde game is tevens de winnaar van de wedstrijd. (Best of three). Aan het begin van de derde game wordt er eveneens gewisseld van speelveld. Wanneer een van beide teams 11 punten heeft behaald (in de derde game) wordt er opnieuw gewisseld van speelveld.
Een pauze van maximaal 60 seconden is toegestaan (dus niet verplicht) tijdens een game zodra één van de partijen 11 punten heeft gescoord.
Fouten
Je maakt een fout wanneer:
- de shuttle het speelveld uit wordt geslagen; (we zeggen dan: de shuttle is uit)
De lijnen horen bij het speelveld, als de shuttle op de lijn valt is deze dus in!
- de shuttle in het net of onder het net geslagen wordt;
- de shuttle tegen het plafond of zijmuur gespeeld wordt;
- de shuttle twee maal wordt geraakt in één slag; (we zeggen dan: dubbel)
- bij de service een deel van de shuttle zich boven het middel van de
serveerder/serveerster bevindt;
- de serveerder niet met beide voeten in zijn/haar serveervak staat;
- het blad van je racket niet duidelijk onder de hand van de serveerder/
serveerster is;
- een speler de shuttle slaat voordat deze over het net is;
- een speler de shuttle raakt met zijn/haar lichaam;
- een speler het net aanraakt (met het lichaam en/of het racket);
- een speler zijn tegenstander probeert te misleiden en/of te hinderen.
In al deze gevallen gaat het punt dus naar de tegenpartij.
Let
Wanneer er onduidelijkheid is in het spel als gevolg van iets dat van te voren niet te voorrzien was, is het mogelijk om een let te houden. Bijvoorbeeld wanneer er een shuttle van anderen bij u in het speelveld valt. Een let houdt in dat de partij die het laatst geserveerd heeft, deze service opnieuw neemt.
Tot slot
Het lijkt misschien allemaal erg ingewikkeld, maar als je gewoon gaat spelen blijkt het in de praktijk best mee te vallen. Van je medespelers kan je veel leren, dus schroom niet om vragen te stellen over het spel. Daarnaast is het mogelijk om je in te schrijven voor een zogenaamde bloktraining; hier leer je van een gediplomeerd trainer de basisbeginselen en techniek van het badmintonspel in 4 sessies van een uur.
Officiële spelregels NBB
De officiële spelregels bevatten alle regels van het badmintonspel en zijn uiteraard vele malen uitgebreider. Deze zijn te vinden op de website van de Nederlandse Badminton Bond, www.badminton.nl, onder de oranje button “Badminton Nederland” en vervolgens onder “Reglementen”.
De rechtstreekse link: http://www.badminton.nl/uploads/docs/badminton_nederland/regelmenten/wedstrijden/Spelregels__2006-10.pdf